vrijdag 31 oktober 2014

Samhain

Steeds dieper de herfst in, de donkerste dagen van het jaar tegemoet. We keren naar binnen, zoals de natuur ook doet. Bomen verliezen hun blad. De zon verliest aan kracht. Een tijd van transformatie. Een tijd waarin de sluiers tussen de werelden dun zijn.

De natuur gaat slapen in deze donkere tijd. Ze zuigt zich vol met voedsel om de kou te overleven. En rust. Ze rust uit om energie op te bouwen voor volgend jaar, als ze weer in actie moet komen. 
Naar binnen, naar binnen, naar binnen gekeerd. De oude volken haalden in deze tijd de laatste oogst van noten en pompoen naar binnen. De oogst werd zo ingemaakt dat het een voedselvoorraad vormde voor de komende wintertijd. Dat is de tijd van Samhain.

De krachtdag van Samhain valt op 31 oktober. Het is het laatste feest in het Keltisch jaarwiel. Het oude jaar wordt afgesloten. In spiritueel opzicht is dit een tijd van transformatie. Alles wat je niet meer wilt hebben, laat je los. Je verbrandt het, laat het achter je. Het zal niet meer meedraaien in het volgende jaarwiel. Dit is de derde periode van loslaten . Dat betekent dat alleen het meest waardevolle nu mee kan naar het volgende jaarwiel, dat vanaf midwinter weer wordt opgebouwd. Het is ook de tijd van de doden en de herdenking van de overledenen.

Cerridwen

Cerridwen is de godin van deze tijd. Zij is de Crone, de oude, wijze vrouw. Volgens de mythe komt Cerridwen uit Noord-Wales. Ze had een bijzonder mooie dochter en een bijzonder lelijke en ook nog domme zoon. Geen magie zou hem kunnen redden. Cerridwen besluit voor haar zoon een drankje te brouwen dat hem zou veranderen in een knappe en ook intelligente man. Van het drankje mocht hij alleen de eerste drie druppels hebben. De rest was gif.

Cerridwen stelde de mix samen. Een jongen uit de buurt kreeg opdracht het mengsel voor een jaar en een dag goed te roeren. Nadie tijd zou het drankje zijn kracht hebben. De jongen deed zijn werk.  Aan het einde van deze tijd, op de laatste dag van roeren, belandden drie druppels van het mengsel op zijn hand. Zonder erbij na te denken likte de jongen de druppels van zijn hand en…. Merkte direct wat het drankje met hem deed.

Shapeshifting

Cerridwen ontdekte wat er was gebeurd. Tegelijkertijd realiseerde zij zich dat al het werk verloren was. Ze werd zo boos op de jongen dat ze hem achterna zat. Maar hij kon zich dankzij het drankje in allerlei gedaantes verwisselen om zich niet te laten grijpen. Dus veranderde hij zichzelf in een haas. Cerridwen echter kon hem bijbenen. Ook zij kende de magie van het shapeshiften. Waar de jongen zich veranderde in een haas om te ontsnappen, veranderde zij in een jachthond. Hij dook het water in en veranderde in een zalm. Cerridwen veranderde in een otter.
De jongen sprong uit het water en veranderde van een zalm in een vogel. Nog was hij niet vrij. Toen hij omkeek zag hij een havik achter zich. Beneden zag de jongen graan op de grond en dacht zich daartussen als een graankorrel goed te kunnen verschuilen. Daar zou Cerridwen hem niet meer kunnen vinden. Hij veranderde zich in een graankorrel en viel naar beneden. Maar Cerridwen, met haar scherpe haviksogen zag precies waar hij neerkwam, veranderde snel in een kip en pikte de graankorrel op. Haar wraak was genomen.
Nadat ze weer haar gedaante als Cerridwen had aangenomen, ontdekte ze dat ze zwanger was. Ze wist dat het de jongen was die zo achterna had gezeten. Ze bedacht zich de baby direct na de geboorte om te brengen. Er werd een heel mooi jongetje geboren. Cerridwen keek hem aan en kon hem niet vermoorden. In plaats daarvan maakte ze een leren zak, legde de baby daarin en liet hem op zee drijven.

Talisien

De baby werd gevonden door Elfin, de zoon van de ongelukkigste prins van Wales in de geschiedenis. Toen hij de baby in de zak zag, schrok hij van een van zijn witte voorhoofd. Geschrokken riep hij uit: ‘Tal iesin’.  In Welsh betekent dat: ‘Hoe schitterend is zijn voorhoofd’. Op weg naar huis begon de baby al tegen de prins te praten en een eindje verderop poëzie te reciteren.
Taliesin werd de populairste bard aan het hof. En in zijn poëzie moedigde hij de Kelten aan in hun strijd tegen de Saksen. Talisien werd de beroemdste bard van Groot-Britannië.

  




maandag 27 oktober 2014

Juweel aan de herfsthemel


Daar staat ze, betoverend en elegant aan de avondlijke herfsthemel. De opkomende maan. 
Drie dagen jong en vol met makkelijke, soepele energie. Haar zachte kracht zal de komende tijd groeien. Tot ze tot volle wasdom is gekomen. Op deze heldere avond na een zachte oktoberdag waarop de zon zich volop liet zien en zijn best deed warmte te geven, kon Morrigan de verleiding niet weerstaan een klein eerbetoon aan de maangodin te geven. Omdat ze zo mooi en rustig aan de hemel schijnt.

De maan in haar jonge kracht, in haar volle kracht, in haar wijze kracht, in haar donkere kracht. 
Wat voor een tijd het ook is, zij zal altijd als een zilveren sieraad aan de hemel blijven staan.

dinsdag 21 oktober 2014

Opmaat naar Donkere Maan

Deze week is het ’s nachts Donker buiten. Logisch, zal je denken, het is oktober. Maar ik bedoel met donker echt Donker, want wie nu ’s avonds of in de nachtelijke uren buiten loopt, wordt niet bijgeschenen door het licht van een volle maan. De maan is sterk afnemend. Overmorgen, donderdag 23 oktober is het Donkere Maan,  Nieuwe Maan.

Met twee jonge rottweilers trek ik het bos in, het is zaterdag, een uurtje of half één in de nacht. Ik houd van nachtelijke wandelingen. Een nachtelijke wandeling in het bos is voor mij een wandeling op de magical way. De mystiek hangt als een deken vlak boven me in de lucht. En ik voel de natuur niet alleen, ik ga erin op. Ik word één met alles om me heen. Het bos is op die momenten een beetje van mij en de honden. We zouden wel licht krijgen van het laatste stukje maan, bedenk ik mij. Dat is per slot van rekening toch altijd zo geweest tijdens mijn nachtelijke boswandelingen.

Het eerste stukje over de laan die naar het bos leidt, profiteer ik nog van het vage kunstschijnsel van de straatlantaarn bij de ingang van het bos. Steek de weg over, het bekende bospad op en hoe verder ik loop, hoe duisterder het wordt. Een beetje verbaasd ben ik. Zo donker had ik het bos nog niet eerder meegemaakt. Dan vertrouw ik maar ietsje meer op het zicht van de honden. Dieren zien tenslotte altijd vele malen beter in het donker. En mijn ogen passen zich vanzelf ook wel aan. De sterren stralen aan de hemel, had ik wel gezien voordat we tussen de bomen verdwenen. Die zouden ook wel wat licht geven. Maar ze stonden wat veraf, dat dan weer wel.

Ik geniet van de stilte. Van het donker. Geniet van de vertrouwde, warme, donkere godinnendeken die ons omhult. De honden genieten. Ze zijn nieuwsgierig en op en top braaf. Ze snuffelen, wat, wachten op elkaar en op mij. Ze lopen geruisloos. Geen hazen waar ze achteraan willen, geen vogels die ze met een blafje opschrikken. Geen vos die ze uitdaagt. En dan begint er na verloop van tijd een in zijn nieuwsgierige speurtocht van het pad af te wandelen. Ik voel het en ik wéét dat daar ergens een slootje ligt.

‘Nee,’ zeg ik met mijn donkere Morrigan-stem. ‘Niet,’als hij niet reageert. Hij zet nog twee passen door. Gelukkig houdt zijn broer halt. En gelukkig ligt er niets in de berm waarover ik struikelen kan. Ineens schiet mij te binnen dat ik geen zaklantaarn bij me heb. Dat dàt het verschil maakt met de andere wandelingen die ook buiten Volle Maan om heb gemaakt.

Een klein zuchtje wind laat de toppen van de bomen ruisen. De godin glimlacht. ‘Wees altijd voorbereid.’ Een moment sta ik stil. Dat is ook zo. Luister naar je hart en raadpleeg daarna je intellect. We wandelen terug en ineens, met het schijnsel van de lantaarns langs de kant van de weg in het zicht , krijgen de honden er zin in. Ik ben blij dat het de tijd van Nieuwe Maan is, een tijd van soepele energie. Er komt geen unieke rottweilersprint. 

Voor Morrigan is deze wandeling een mooie opmaat naar de Nieuwe Maan. Die we in echt herfstweer gaan beleven.


maandag 13 oktober 2014

Ontmoeting met een Zielsverwant

Wie heeft dat nog nog nooit gehad: een eerste ontmoeting met iemand van wie je het gevoel hebt dat je die persoon al kende. Het overkomt je wel vaker in je leven. En meestal voelen zulke ontmoetingen heerlijk vertrouwd en gemakkelijk. Oude zielen die elkaar weer ontmoeten, dat is prettig. Een ontmoeting met een zielsverwant is anders. 

Morrigan had niet erg lang geleden nog zo’n ontmoeting. De herkenning was er al voordat we elkaar ooit hadden ontmoet. De bevestiging van later deed mijn hart oplichten. Mijn ziel was geroerd. Want wat hadden wij elkaar in levende lijve nou gezien? Twee keer maar, kort. Woorden van blijdschap. Een zachte hand, vriendelijke ogen, een vlinderkus langs mijn wang, puur als groet. Vriendelijk.

Maar mijn huisje van klei trilde op haar grondvesten, toen zijn ziel  later als een zoete, warme, zomerstorm binnen kwam waaien. Zijn ziel drukte zich uit in een paar woorden. Meer had hij niet nodig.

Hij liet me voelen
Heel diep voelen
Wat we precies met zielsverwanten bedoelen

Mijn zielsvriend raakte mij aan
In al zijn zachtheid en zijn oprechtheid
Vond hij over het pad van lucht de weg naar mij toe

Hij schreef heel simpel
En ook kort
Een paar aardige woorden
Die probleemloos mijn huisje van klei doorboorden

Een warme, wilde luchtstroom golfde door mijn huis
Water stroomde over, langs de luiken van mijn ogen
Uit blijdschap voor de herkenning op de herkenning

Mijn hart werd verwarmd
Mijn ziel omarmd

Ze kwamen van ver, die aardige woorden
Maar ze hadden niets van hun vriendelijkheid verloren

Afstand is fictie, taal onbekend
Voor de ziel die zijn zielsvriend
In blijdschap herkent







dinsdag 7 oktober 2014

Oogstmaan

De Volle Maan van 8 oktober is de Oogstmaan. De maan is om 12.50 uur op haar grootst. Ze valt middenin de oogsttijd: 21 september werd het tweede oogstfeest gevierd en 31 oktober is het derde en laatste oogstfeest.

Dit is de tijd van overvloed. De Harvest Moon stelde de oude volken die afhankelijk waren van de landbouw, in de gelegenheid tot laat in de avond door te gaan de oogst binnen te halen. Na gedane arbeid vierden ze feest. Werd bij het eerste oogstfeest graan geoogst, nu bestaat de oogst uit fruit en noten.
Wat de oude volken leerden, is dat in de oogst van nu de zaadjes van de toekomst liggen verstopt.
De pitjes in de appels die we nu plukken, zorgen voor de appels van volgend jaar.

Zo gaat het ook in spiritueel opzicht. In de spirituele oogst van nu liggen je zaadjes voor de toekomst. Denk alleen aan de grote lijn van dit jaar. Welk onderdeel uit de grote lijn vormt het zaad voor volgend jaar? Of zijn er verschillende grote onderdelen die volgend jaar weer kunnen worden gezaaid? Is er een nieuw persoon die je hebt ontmoet? Een inspirerende gebeurtenis waarop je verder kunt? Een belangrijke wens, droom of idee waarvan het zaad nog moet worden gezaaid? Houd de belangrijke delen van je oogst bij je. Bewaar het zorgvuldig en zet het uit in de zaaitijd, zodat het volgend jaar kan groeien.

In de Keltische traditie is de appelboom in deze periode heilig. Het is immers pluktijd voor deze vrucht van Avalon. Vrucht van Avalon? Hoezo? Avalon zou Eiland van Appels zou betekenen. Dat is geen gekke gedachte. Aval betekent appel in het Keltisch zoals dat in Cornwall en Bretgane werd gesproken. In het Keltisch uit Wales is appel ‘afal’.  Avalon – het huidige Glastonbury -  staat ook centraal bij deze Oogstmaan.       

Staring at the Moon
At Noon



Thinking of you
God of Sun
Who slowly gives away his place
To Godess of the Moon

Nights are getting longer
Wind is getting stronger
And now we get our harvest
For coming wintertime
On this Harvest Moon

Happy Full Moon

maandag 22 september 2014

De vos van Dalmeny Road (2)

Dat ik zaterdagnacht een vos zag op Dalmeny Road in Londen, was het teken dat er iets bijzonders stond te gebeuren. Maar wat? Morrigan had geen idee en wachtte op wat de volgende dag zou gebeuren.

Eieren en spek als ontbijt. Erg Engels en tot het avondeten hoef je niets meer. Camden Lock en de 
markt. Dat is de bestemming van deze dag. Morrigan is dol op deze plek: de markt van Camden is een ware heksenketel. Kledingverkopers, artistiekelingen die hun sieraden, schilderijen en nog meer sieraden aanbieden, stoffenverkopers. Eettentjes met voedsel van over de hele wereld. Noem het en het is er.

De markt van Camden ligt aan het water. Regent’s Canal stroomt door dit deel van Londen. 
In de Victoriaanse tijd was dit de rustplaats voor trekpaarden. Die kwamen van heinde en verre en trokken allerlei handelswaar op schuiten voort naar de grote stad. In Camden werden ze uitgespannen en konden ze rusten. De zieke of gewonde paarden werden in het paardenhospitaal geholpen en ze konden hier revalideren. Hoefsmeden voorzagen de grove, edele dieren van nieuwe schoenen.  





De vele bronzen beelden van de paarden op de markt verwijzen naar die Victoriaanse tijd. De sculpturen zijn bedacht en aangekocht door een zakenman uit Eastend. Dat vertelde een gids ooit eens. Volgens haar verhaal wilde de zakenman na zijn succes in zaken graag ‘iets terugdoen’ voor de stad waar hij van houdt. Met gevoel voor historie ontwierp hij de beelden, liet ze in India maken en zette ze neer op Camden Market Stables. Die werd ingrijpend gerenoveerd na de grote brand van 2008.


Op deze historische en levendige plek met een
fijne, geordende chaos, struin ik gezellig rond. Bij een kleine, tweedehands platenzaak waar ik eerder al magische momenten beleefde, grabbel ik in de bakken.
Wat een geluk: hier ligt Family of Noise, een lp van mijn favoriete artiest Adam Ant.
Family of Noise’ is een plaat uit 1978 die volgde op het Ants- debuutalbum ‘Dirk wears white Sox’. Die plaat kocht ik de vorige keer in deze grootse, kleine platenzaak.
‘Hij was hier een tijdje geleden en kocht precies dezelfde plaat,’ is de ontluisterende reactie van de eigenaar. Ik vind het magisch. Hij ook. Eddy, want dat is zijn naam, geeft spontaan korting. We maken een praatje, hij herkent mij nog van mijn vorige bezoek. Geweldig geheugen. Ik wil hem wel omhelzen, maar dat staat zo raar, dus ik doe het niet. Met een brede lach spreken we af dat we elkaar bij Adams volgende concert zullen zien.

Shake, baby, shake

Ik drink wat, kronkel nog wat over de markt, en zie voor het eerst dat aan de overkant van de weg nog een deel van de markt is gevestigd. Even snuffelen. Mooie jassen, originele, elegante sjaaltjes, leuke tassen. Ik kijk, bewonder en loop door. ‘Shake, baby, shake’. Ouderwets gezellige rock’n roll klinkt uit de speakers van nóg een platenzaakje. Ik wil weten wie deze artiest is. En als ze de plaat op voorraad hebben, wil ik hem kopen. 

Een vrouw komt aangelopen als ze me in de zaak ziet. 
‘Wie zijn dat?’ vraag ik haar. 
‘Dat is Boz Boorer.’ 
Nee, ze zal vast een andere Boz Boorer bedoelen dan degene die ik in mijn hoofd heb.
Mooie plaat, zeg ik haar. 
Dat vindt zij ook, zegt ze. ‘Hij is mijn man.’
Magical way, denk ik.
‘Dan zal je het wel mooi moéten vinden,’ merk ik op. Ze lacht. 
Of hij dan degene is die ik met mijn favoriete artiest op het podium heb zien staan, vraag ik haar. 
Tot mijn verrassing bevestigt zij. ‘Hij is hier,’ voegt ze eraan toe. ‘Zal ik hem halen?’ 
Ja, natuurlijk. Lyn, want zo heet mevrouw Boorer, loopt naar achter, de zaak in. 
‘Er staat hier een dame die je heeft zien optreden, met Adam,’ roept ze naar beneden waar meneer Boorer aan het werk is. Hij prijst de platen.
‘Oh, ja dat was een mooi concert,’ hoor ik een stem uit de kelder.

Boz komt boven. Naast een rasmusicus – hij werkt nauw samen met onder andere Morrisey en schreef vijf nummers voor het laatste album van Adam Ant, getiteld ‘Adam Ant is the Blueblack Hussar in Marrying the Gunner’s Daughter’– blijkt hij een oergezellige prater. 
De gitarist, tekstschrijver, zanger, handelsman, oftewel alleskunner op muziekgebied, treedt in oktober twee keer op in Nederland. Met Morrisey, laat hij weten. Net als Morrigan houdt Boz ervan om met de boot naar Nederland te reizen. ‘Beter dan door de Tunnel,’ en zo praten we nog een tijdje door in de platenzaak van de Boorers die in het voorjaar open ging. 



Boz rock ’n rollplaat waar hij wat voor mij opschrijft, verdwijnt in mijn tas. 
En als ik wegloop, denk ik aan de vos van Dalmeny Road. 




  

zondag 21 september 2014

Mabon

Mabon of de herfst-equinox. Mabon wordt rond 21 september gevierd en is het tweede oogstfeest in het Keltisch Jaarwiel. Dag en nacht zijn even lang, in balans.
Aangezien de dag met zijn zonnekracht staat voor het mannelijke en de nacht met haar duisternis voor het vrouwelijke element, zijn mannelijk en vrouwelijk deze periode in evenwicht.

Na Mabon worden de dagen merkbaar korter. In snel tempo zal het donker toenemen. De zon gaat steeds zuidelijker ten opzichte van de aarde staan. Hij neemt in kracht af en dat wordt voelbaar; het wordt kouder. De kadans van het leven in de natuur verandert, het ritme van de natuur wordt trager.

In spiritueel opzicht is dit een rustige tijd waarin je geniet van de vruchten die je nu plukt uit eerder gezaaide acties/zaden.

In mystiek opzicht is dit de periode die belooft dat de dwalende ziel goed zal aankomen in 'de andere wereld'. De ziel maakt in deze tijd een reis naar de andere wereld waar hij met Samhain (31 oktober) zal aankomen.

De god en de godin van deze tijd die in harmonie heersen zijn Bran en zijn zuster Branwen.

Bran en Branwen

In de Keltische mythologie is Bran de reusachtige, gezegende koning van Wales. Hij groeit op met zijn broer Manawyddon, zuster Branwen en hun halfbroertje Efisien. De laatste werd geboren met een wat gemene inslag.

Branwen wordt uitgehuwelijkt aan de Ierse koning Matholwch om de vrede tussen Ierland en Wales te bewaren. Het feest rond het huwelijk is al aan de gang als Efisien op het kasteel aankomt. Hij vraagt zich af wat er gaande is. Hij ontsteekt in woede als hij hoort van het huwelijk. Razend is hij, omdat hij niet was geraadpleegd over de uithuwelijking van Branwen. Uit wraak mishandelt en verminkt hij de paarden van Matholwch op gruwelijke manier. Daardoor verpest hij de vrede tussen Ierland en Wales.

Om de vrede toch te redden, wil Bran de misdaad van zijn gemene broertje rechtzetten. Als verzoening geeft hij Matholwch nieuwe paarden en cadeau's mee. Onder de giften een heksenketel waarmee de doden weer tot leven kunnen worden gewekt. Matholwch accepteert de geste. Samen met zijn kersverse echtgenote Branwen keert de Ierse koning terug naar zijn eiland, waar Branwen een zoon - Gwern -  krijgt van Matholwch. Toch blijft de sadistische actie van Efisien in de hoofden van de Ieren zitten en daarme als een grauwe sluier om Branwen heen hangen. Het volk eist dat hun koning de schande die Efisien de koning heeft aangedaan, wreekt.

Matholwch geeft gehoor aan deze oproep. Om zich te wreken besluit hij Branwen te verbannen naar de keuken. In plaats van te leven als een koningin, leidt zij het leven van een slavin. Drie jaar lang slaapt en werkt ze in de keuken waar zij dagelijks de brute mishandeling onder de bloederige handen van de slager moet ondergaan.
Om uit haar mensonterende positie te komen, heeft Branwen de hulp van haar broer Bran nodig. Ze traint een spreeuw om een brief te bezorgen bij haar broer. Ze schrijft hem hoe ellendig zij het heeft in Ierland.

Oorlog

Als Bran de brief leest, raakt hij overstuur en stelt onmiddellijk een leger samen. De mannen varen de Ierse zee over, terwijl Bran door de zee waadt - zo groot is hij - om in Ierland te komen.
Door die dreiging probeert Matholwch vrede te sluiten. Hij biedt het koningsschip van Ierland aan aan Gwern en geeft Branwens zoon ook een paleis. Bran accepteert het aanbod op vrede door Matholwch en er wordt feest gevierd. In de feestzaal hangen honderd zakken van hertenleer. Daarin zou meel zitten, maar in werkelijkheid verschuilen honderd Ierse edelen zich in de zakken.
Efisien is nog steeds beledigd over het feit dat hij werd gepasseerd over de uithuwelijking van zijn Branwen. Hij is ook aanwezig op het feest. De nog steeds beledigde Efisien laat zijn ongenoegen over de gang van zaken blijken door de schedels van de verstopte mannen in te slaan, waarmee hij degene is die het plot verijdelt. Daarbij vermoordt hij zijn neefje Gwern. Efisien gooit het kind in het vuur.

Nu is een oorlog is niet meer te voorkomen. De soldaten moorden elkaar uit, maar Matholwch gooit zijn mannen in de heksenketel waardoor ze weer tot leven komen. Efisien ziet de Ierse soldaten in de magische ketel verdwijnen en er levend uitkomen. Daarom gaat hij tussen de dode Ieren liggen om zo in de ketel te belanden. Eenmaal in de ketel, duwt hij de wanden uit elkaar zodat de ketel barst. Efisien bekoopt de actie met de dood. Het Ierse leger wordt tot de laatste man toe verslagen. Alleen zeven Welshmen overleven de strijd. Ook Bran, Branwen en Manawyddon overleven.

Londen

Bran echter is dodelijk gewond door een vergiftigde speer in zijn voet. Hij weet dat ook hij de strijd niet zal overleven. Daarom geeft hij de overlevers opdracht zijn hoofd eraf te hakken en naar Londen te brengen. Daar moeten ze zijn hoofd op de White Mount begraven, het gezicht op Frankrijk gericht, om te garanderen dat het land nooit wordt aangevallen.
Branwen reist met het gezelschap mee, maar onderweg van Ierland naar Wales sterft ze van verdriet over alle ellende die haar beide eilanden zijn aangedaan. Na haar dood reizen de soldaten naar Harlech, in het noordwesten van Wales. Daar, in de buurt van Snowdonia, blijven zij zeven jaar met het nog levende hoofd van Bran. Ze feesten er zeven jaar om de misère te vergeten.
Na het verstrijken van die tijd reizen ze naar het zuiden van Wales waar nog eens tachtig jaar in een koninklijk paleis blijven. Op een dag opent een van de soldaten het raam. Bij het aanzien van Cornwall in de verte, herinneren zij zich de pijn en het verlies van zoveel vrienden. Ze vertrekken naar Londen. Daar, op de plek van de Tower van Londen, begraven ze Brans hoofd, met zijn gezicht gericht op Frankrijk. Om het land te beschermen tegen invasies.

In Ierland hadden vijf zwangere vrouwen de oorlog overleefd. Hun kinderen herbevolken Ierland.


(bron verhaal Bran en Branwen: BBC Wales die zich baseert op de Mabinogion, een collectie middeleeuwse Welshe proza over de voorchristelijke, Keltische mythologie, vroeg-middeleeuwse verhalen en volksverhalen)

Bedd Branwen. Dat is de naam van een grafkamer op Anglesey, het schiereiland van Wales. Van deze grafkamer wordt gezegd dat dit de rustplaats is van Branwen. Bedd Branwen ligt even ten oosten van het plaatsje Elim. (bron: Mysterious Britain and Ireland)

De raaf was de vogel van Bran. Daarom is het belangrijk dat er altijd raven in de Tower van Londen zijn. De magische vogels vertegenwoordigen Bran en daarmee vertegenwoordigen zij bescherming van het land. Toen er na de zware bombardementen op Londen in de Tweede Wereldoorlog slechts één raaf in de Tower was, liet Winston Churchill nieuwe raven brengen om Engeland te bewaren.


zaterdag 20 september 2014

De vos van Dalmeny Road

Hoe sterk de natuur is. Kunnen wij als mensen wel denken dat wij de natuur controleren, beheersen en de baas zijn, dat is allemaal illusie. De natuur laat zich niet controleren.

Loopt Morrigan in de avond door de straten van Londen. Toch geen klein dorp op het platteland, zou je zo zeggen. Wel een stad vol mystiek, maar dat is een ander verhaal. 
In Londen dus, op Dalmeny Road, ontwaar ik op zo’n 15 meter afstand een schepsel op de stoep. Omdat het zo duister is, kan ik niet zo goed zien wat er staat. Het enige dat ik weet is dat er een dier staat. Het lijkt een nieuwsgierige kat.Nu ben ik in het verleden al eens op een wandeltocht in Wales de hele weg ‘begeleid’door een lange kat, dus misschien was dit er ook zo een, dacht ik. Zo'n begeleidende kat.
Het dier staat roerloos en kijkt mij indringend aan. Ik sta stil om haar te bekijken. Maar is het wel een kat die ik daar ontwaar, vraag ik mij af. Ze lijkt zo groot. Nee, dat kan geen kat zijn, bedenk ik mij. Of het moet een monsterkat zijn. En monsters, daar gelooft Morrigan niet in.

Nee, het is een kleine hond, die net om de hoek is gelopen en op zijn baasje wacht. Hij kijkt eventjes om. Rare snuit heeft hij, zo van opzij. Vreemd formaat van hond, klinkt het in mijn hoofd. Nog eens kijk ik goed. Tot mijn ontzetting kom ik erachter dat ik geen kat tegenover mij heb. Ook geen hond. Ik sta oog in oog met een vos. Een vos. Middenin nachtelijk Londen. 
Onder het vage schijnsel van de lantaarnpaal grabbel ik in mijn tas, op zoek naar mijn fotocamera. Want het is een plaatje. Maar zoals een goed wild dier betaamt, wil hij niet op de foto. 
Op het moment dat ik in mijn tas begin te grabbelen, maakt de vos aanstalten om weg te lopen. ‘Niet weglopen nu,’ denk ik. Maar de vos wacht niet op mij. En profil zie ik hem extra goed. Spitse snuit, grote oren, lang lijf, dikke staart. Hij loopt gewoon Dalmeny Road op. Snel pak ik mijn camera. De vos loopt midden op het asfalt, achter de auto’s langs. Ik stap de weg op, zie hem lopen, maar hij is alweer meters weg. Ik klik.

Hij loopt de stoep op, springt op een muur en verdwijnt een tuintje bij een leegstaand pand in.
De vos van Dalmeny Road. Daarna hoor ik vreemde kreten in de nachtelijk lucht van Londen. De vos moet eten. De natuur laat zich niet controleren. De natuur gaat zijn eigen gang. Ongeacht. Daarom houdt Morrigan er zo van.

Het is de derde vos die Morrigan in korte tijd ziet. De eerste verscheen in meditatie. De tweede op een parkeerplaats vlakbij zee, in augustus. En de derde kwam in Londen op mijn pad. Ik wist dat er iets bijzonders stond te gebeuren. Dat had de volgende dag plaats.

maandag 8 september 2014

Maan van het Weerlicht

De maan is weer vol, op 9 september om 03.39 uur om exact te zijn is ze op haar grootst. Het is de tweede Volle Maan tussen het eerste Keltische oogstfeest Lughnasadh en het tweede oogstfeest Mabon. Is Lughnasadh het feest om de graanoogst te vieren, met Mabon wordt het binnenhalen van fruit en noten gevierd. Deze maan valt in een periode van volle overvloed.

Het is de Maan van het Weerlicht.

In niet-materiële zin gaat het om de oogst op spiritueel niveau. Het kan dan gaan om gezondheid, je relaties of een oplossing die je ineens ziet voor een probleem. Of de herkenning van de seizoenen in jezelf. Groter: de cycli in het leven. Het is maar net waar je staat op je eigen magische pad dat het leven heet.


Jonge hazelaar
Kronkelhazelaar
De hazelaar is de boom die bij de 
Maan van het Weerlicht hoort. 
Voor de Kelten een boom van wijsheid en inspiratie.
De hazelaar wordt in verband gebracht met onder meer natuurmagie.






Happy Full Moon! Naar iedereen op de Magical Way.

donderdag 4 september 2014

De Fietsenmaker

Er hing een rare drukte in de stad, gisteravond vroeg. Automobilisten, bestelbusjes, fietsers slingerden in sneltreinvaart door de straten van de stad. Chaotisch en ongecontroleerd. In die verkeersdrukte suisde ook de Morrigan rond. Dat ging niet lang goed. 

Op een drukke doorgaande weg stond ineens een overstekende auto stil. De achterkant van zijn wagen stond nog op het fietspad. Precies op het moment dat ik kwam aansuizen. Het lukte nog net om de wagen heen te sturen. Uit een ooghoek zag ik een steppend meisje nog schreeuwen naar de automobilist die haar bijna omver had gereden. Toen ik dacht gered te zijn, zag ik hoe mijn voorwiel in het tramspoor belandde…

Naar rechts sturen, richting fietspad, ging nog net. Maar de balans was ver te zoeken. Een schuiver over het asfalt was niet meer te voorkomen. Mijn hoofd doet nog zeer. Een schaafplek op mijn rechter onderarm. Brandende handpalm. Een grote, harde, blauwe plek op mijn rechterbovenbeen waar mijn fiets hard op viel. Zeer scheenbeen. Pijn in mijn nek die dankzij een whiplash toch al gevoelig is. 

Een jonge, Turkse man komt naar me toe, zijn jonge vrouw achter hem aan. Hij vraagt hoe het gaat. Ik zeg dat ik dat nog even moet voelen. Eerst proberen overeind te komen. Fiets een beetje opzij. Het lukt me overeind te komen. Hij tilt de fiets omhoog. Het stuur staat compleet scheef. De man wil al weglopen als hij ziet dat ik op mijn benen sta. Ik roep hem terug. Of hij het stuur kan rechtzetten. Dat lukt en weg is hij. Van de automobilist is geen spoor meer te bekennen.

Trapper

Ik stap weer op, moet toch thuis zien te komen. De trapper komt telkens hard tegen de kettingkast aan. Een man met een imposante snor kijkt mij vanaf de stoep  indringend aan. Ik stap af. Misschien kan hij me helpen. Ik vertel hem wat er zojuist is gebeurd. Hij probeert de trapper op zijn plek te krijgen, maar doet dat zo gewelddadig, dat ik vrees dat hij het alleen maar erger kan maken. Dus ik bedank hem voor de moeite. Met een harde tik die de hele weg door bekijks trekt, fiets ik verder.

Bij mij in de buurt heeft net een ongeval plaatsgehad met twee auto’s. Ambulance en politiewagens. Het kan altijd erger.   

Met een niet zo vrolijk gezicht gezicht liep ik vanmorgen met de fiets aan de hand naar de tweewielerzaak om de hoek. De fietsenmaker met opvallend helderblauwe ogen snapt het probleem. Als hij de reparatie aan een andere fiets klaar heeft, komt hij buiten naar mijn fiets kijken. 
Hij waarschuwt. De kleine ingreep die hij gaat plegen is op mijn risico. 'Negen van de tien keer lukt het, maar soms breekt de stang af,’ zegt hij. 
Ik begrijp het. ‘Lukt het dan is het mooi, en anders niet,’zeg ik berustend. 
Snel ban ik de gedachte uit dat ik die tiende dan wel zou zijn. Ik knik, hij gaat door zijn knieën en flitst langs de kettingkast. In een seconde heeft hij het gedaan. Pijnloos. Hij kijkt omhoog en zegt: ‘Het is gelukt.’
Onbeschrijflijk blij ben ik. Hij zegt: ‘Ik reken er niets voor, nog veel plezier ermee,’ en verdwijnt snel. Hij is een engel. 

En ik fiets over de Magical Way naar huis.
Elke dag is magisch. Je moet het alleen even willen zien.